Latijn-Wiskunde Derde graad

Toeliching bij de studierichting

Latijn

Wanneer je ook in de derde graad Latijn wilt studeren, kunnen volgende toelichtin­gen helpen je keuze te motiveren en te onderbouwen.

Het vak Latijn met 4 u. sluit aan op de reeds gevolgde cursus Latijn met 5 u. in de tweede graad.
De vorige jaren heb je de taal reeds vrij grondig bestudeerd; daarom zal die taalstu­die grotendeels beperkt blijven tot het herhalen van basisvocabularium en basisgram­matica. Aansluitend bij de lectuur van auteurs worden beide aspecten verder aange­vuld; datzelfde geldt ook voor de studie van woordvolgorde en stijl.
De nadruk in de derde graad ligt eerder op het lezen, begrijpen, interpreteren en beoordelen van teksten, geschreven door Latijnse auteurs uit de klassieke periode en latere eeuwen.

In het eerste jaar van de derde graad ga je kennis maken met teksten die vooral behoren tot het domein van de poëzie. Schrijvers als Catullus, Vergilius, Horatius hebben het over de eeuwige mens: de mens die zich vragen stelt over liefde, lijden, verlangen naar geluk, naar goedheid en schoonheid, naar onsterfelijkheid. Ze proberen op deze vragen (die ook de onze blijven) een antwoord te geven vanuit hun bescha­vingssituatie. Deze antwoorden moet je kritisch beoordelen en vergelijken met het antwoord dat wij vanuit ons hedendaags mensbeeld geven. Dergelijke vergelijken­de studie kan erg verrijkend zijn.

In aansluiting op het eerste jaar - waar de vraagstelling meer de persoonlijke problematiek betreft - bestudeer je in het tweede jaar van de derde graad eerder de mens in de hem omringende wereld: de kracht van het gesproken woord als hefboom om mensen te overtuigen (retoriek of welsprekendheid); het recht als ordeningsprinci­pe van een complexe samenleving (Romeins recht); de kritische terugblik op het verleden (historiografie of geschiedschrijving); de zoektocht naar antwoorden op fundamentele levensvragen (filosofie of wijsbegeerte).
Naast grote namen als Cicero, Tacitus, Lucretius, Seneca kunnen ook christelijke auteurs als Augustinus en humanisten als Erasmus aan bod komen.
Ook hier werkt de vergelijking met hedendaagse vraagstellingen zeer vormend, zodat je stilaan kan doorgroeien naar een eigen, verantwoorde levenshouding.

Wiskunde 6 uur

Deze cursus sluit aan op de cursus wiskunde 5 uur in de tweede graad. De wiskundevorming heeft hier een drievoudige rol: de ontwikkeling van een wiskundig basisinstrumentarium, de ontwikkeling van het denken in het algemeen en van specifieke denkmethoden en probleemoplossende werkwijzen eigen aan een wiskundige aanpak en de reflectie erop. De problemen die aangepakt worden zullen diepgaander onderzocht worden en van een hogere moeilijkheidsgraad zijn.
Deze vorming is dan ook een ideale voorbereiding op wiskundige en wetenschappelijke richtingen in het hoger onderwijs.
De belangrijkste leerstofonderdelen zijn goniometrie, grondige analyse, ruimtemeetkunde, kansrekening en statistiek.